RvD501 (Radio501)

Home » 2009 » October

Monthly Archives: October 2009

RVD501

Advertisements

Het is weer Bier uur tijdens de Radio 501 Nationale Weekdoorzaging op 28-10-2009

De Radio 501 Nationale Weekdoorzaging is weer aangekomen op Bier Uur.
Zelfs de kat geniet van de Radio 501 Nationale Weekdoorzaging.


Advertisements

Wat gaan we eten? – 28 oktober 2009 – BreekDeWeek Bloemkool met Kaas

In de rubriek Wat eten we Vandaag: Bloemkool met Kaas in "BreekDeWeek" op 28 okt 2009 voor Radio 501

Een recept voor 2 xc3 3 personen

Ingredixc3xabnten

1 grote bloemkool (xc2xb1 1 kg)
zout
1 bakje smeerkaas
4 eetlepels water
2 – 3 tomaten
gehakte peterselie
nootmuskaat

Belangrijkste keukengerei

Pan

Voorbereiding

15 minuten

Bereidingsduur

15 xc3 20 minuten bakken

Bereiden

Maak de bloemkool schoon en kook hem gaar in water met zout

Laat de smeerkaas met 4 eetlepels water onder voortdurend roeren op een zacht pitje smelten

Doe de goed uitgelekte bloemkool in een voorverwarmde schaal, giet de gesmolten smeerkaas er overheen, bestrooi dit met gehakte peterselie en wat nootmuskaat en garneer met partjes tomaat

Serveren met kalfsgehakt, of tartaartjes, of braadworst.

EET SMAKELIJK !

Bloemkool is de roepnaam van een plant die eigenlijk voluit ‘Brassica oleracea var botrytis subvar cauliflora’ heet. De lange sliert kwalificaties weerspiegelt het hoge ontwikkelingsniveau waarmee deze plant zich distantieert van haar barbaarse voorvader, de ‘oerkool’.

Bloemkool behoort tot de ‘lichtere’ koolsoorten, concreet betekent dat eigenlijk ‘licht verteerbaar’. Maar er is nog een meer letterlijke betekenis van toepassing: bloemkool houdt de consument slank met slechts 24 kcal per 100 gram (geen idee hoe weinig dat is). Het bevat dan weer wel veel vitamine C, een enkele portie bloemkool zou zelfs volstaan om in de dagelijkse aanbevolen hoeveelheid te voorzien.

In lang vervlogen tijden was bloemkool een geliefde groente (ondermeer bij de Romeinen), maar tegenwoordig vindt men de smaak maar gewoontjes. Men kookt bloemkool vaak te lang en dompelt de brokstukken vervolgens onder in een bad van elastische kaassaus, zogezegd om het wat aantrekkelijker te maken. Zonde! De smaak van bloemkool komt het best tot zijn recht als je de groente precies gaar stooft. Het is ook mogelijk de bloemkoolroosjes los te snijden van de stronk en die te bakken in een rijkelijke hoeveelheid (olijf)olie. Gebruik daarvoor een grote braadpan of wok met deksel (indien nodig een tikkeltje water toevoegen en kort stomen).

De platenkeuze van Rob Ricard – Vanilla Ninja – Blue tattoo

De platenkeuze van Rob Ricard in "BreekDeWeek" op 28 okt 2009 voor Radio 501

Op 1 mei 2004 trad een nieuwe kleine Baltische staat toe aan de EU, namelijk Estland. Het land ligt tussen Finland en Letland en is met zijn 45.227 kmxc2xb2 vrij overzichtelijk. Met 1,3 miljoen inwoners is de bevolking 12 keer zo klein als die van Nederland. De landstaal is de Estse taal die een beetje verwant is aan de Finse taal. In elk land is iets specifiek voor het land te vinden, en voor Estland wil dit zeggen een bijzonder ijs wat er te koop is. De naam: Vanilla Ninja!

De meiden van Vanilla Ninja schitterden voor Zwitserland op het Eurovisie Songfestival van 2005. Lenna, Katrin & Piret voerden in hun geboorteland Estland ruim 6 maanden de Top 5 van alle hitlijsten aan. Uiteraard heeft dit alles te maken met de populariteit van de meidengroep en een spetterende act tijdens hun live optredens. De volgende stap ligt voor de meiden van Vanilla Ninja voor de hand: een internationale doorbraak.

Vanilla Ninja is een drieledige Estse all-female band, die in verschillende landen in Europa de hitlijsten hebben weten te halen, met name in Duitsland en Oostenrijk. De huidige formatie van de band bestaat uit de leden:

Lenna Kuurmaa (geboren op 26 september 1985 in Tallinn, Estland)

Katrin Siska (geboren op 10 december 1983 in Tallinn, Estland)

Piret Jxc3xa4rvis (geboren op 6 februari 1984 in Tallinn, Estland)

In de oorspronkelijke formatie werden de meiden vergezeld door:

Maarja Kivi (geboren op 18 januari 1986 in Tallinn, Estland)

Anno 2004 heeft Maarja Kivi de groep echter verlaten vanwege haar zwangerschap, waarna zij is vervangen door:

Triinu Kivilaan (geboren op 13 januari 1989 in Viljandi, Estland)

In januari 2006 heeft de groep bekend gemaakt dat ook Triinu Kivilaan de band ging verlaten, vanwege te zeer afwijkende ideexc3xabn en wensen voor de toekomst. De band heeft besloten verder te gaan als trio.

De band is opgericht in 2002 en heeft het daaropvolgende jaar het eerste, naar zichzelf vernoemde album Vanilla Ninja uitgebracht, waarop zowel Engelstalige nummers als Estse nummers staan. Vanilla Ninja heeft tweemaal meegedaan aan nationale selecties voor het Eurovisie songfestival, waarvan de eerste poging voor Estland onsuccesvol was. Bij de tweede poging kwam Vanilla Ninja uit voor Zwitserland met het nummer Cool Vibes waarmee de band een achtste plaats in de finale wist te behalen. De vier meiden zijn erg succesvol in hun geboorteland, waar ze zelfs een merk ijs en een zogenaamde Kohuke naar zich vernoemd hebben gekregen.

Formatie en debuut

In het jaar 2002 is Vanilla Ninja gevormd als een vierledige meidenband. De formatie bestond in eerste instantie uit:

Maarja Kivi (zang/basgitaar)

Lenna Kuurmaa (zang/gitaar)

Katrin Siska (zang/keyboard)

Piret Jxc3xa4rvis (zang/gitaar)

Alle vier bandleden zijn zangeressen, de vooraanstaande vocalist zou bij elke nummer echter verschillen, waarbij Kivi en Kuurmaa hoofdzakelijk de leidende vocalisten zouden zijn. Ten tijde van de formatie van de band werd de groep geleid door een zeer bekende Estse producer, Sven Lohmus.

Voor de formatie van de band, begin 2002, heeft Kivi deelgenomen aan Eurolaul, de Estse voorrondes van het Eurovisiesongfestival, waarmee ze de zevende positie behaalde. Vanwege haar deelname aan Eurolaul is zij gekozen als leadzangeres, waarmee de band in een vroeg stadium al bekendheid kreeg, hoewel de andere zangeressen echter nog geen succes hadden geboekt met hun carrixc3xa8re. De band is samengesteld zonder dat de meiden elkaar onderling kenden.

In het jaar 2003 heeft de band deelgenomen aan Eurolaul 2003, met het nummer "Club Kung Fu". Volgens de telefonische opiniepeilingen bleken de meiden veruit het meest populair te zijn, maar in tegenstelling tot andere Europese landen maakt Estland gebruik van een vakkundige jury om de deelnemers te beoordelen in plaats van de zogenaamde "televote". De jury, met voorname juryleden als Michael Ball, bleek de mening van het stemmende publiek niet te delen en plaatste de band op een gedeelde negende plaats. Hiermee behaalden de Ninja’s feitelijk de laatste plaats, aangezien er tien deelnemers waren.

De deelname en populariteit van het nummer zorgenden echter voor bekendheid van hun debuutalbum, Vanilla Ninja, welke is uitgebracht in mei 2003. Dit album bevatte de originele versie van "Club Kung Fu", een drum and bass remix van het nummer en dertien nieuwe pop-nummers in het Engels en het Estisch. Het album bleek een succes te zijn in Estland en bezorgde de meiden nationale bekendheid. Na de succesvolle oprichting van de band zochten de meiden internationaal succes in Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk.

Europese bekendheid

Na een succesvol debuut in Estland is de band bekend geworden in drie Duitstalige landen in Europa: Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk. Vanilla Ninja heeft in deze landen niet hun debuutalbum of nummer uitgebracht, maar heeft ervoor gekozen om een nieuw nummer uit te brengen, genaamd "Tough Enough". Wederom een pop-rock nummer die in Duitsland is uitgebracht op 8 december 2003 en later in ook Oostenrijk en Zwitserland op respectievelijk 4 januari en 8 februari 2004. Het werd een groot succes, aangezien het nummer volop werd gedraaid op de populaire Duitse videoclip-zender VIVA en het nummer behaalde een plek in de top 20 in zowel Duitsland als Oostenrijk.

Ook de debuut single "Club Kung Fu" werd met succes in Duitsland uitgebracht en daaropvolgend een derde single, genaamd "Don’t Go Too Fast". Dit nummer is in Duitsland en Oostenrijk op 4 en 5 april 2004 uitgebracht, maar behaalde net geen plek in de top 20 in deze landen. In Zwitserland is deze single al in maart uitgebracht, maar hier wist het geen plek in de top 100 te behalen. Opvolgend werd in juni 2004 het tweede album Traces Of Sadness uitgebracht, met daarop de nummers "Tough Enough" en "Don’t Go Too Fast". Tevens bevat dit album talrijke andere nummers, waaronder enkele bekende als "When The Indians Cry" en "Liar".

Eurovisie voor Zwitserland

Ondanks dat het succes van de meiden in Zwitserland in eerste instantie niet zover in de hitlijsten wist door te dringen als in Duitsland en Oostenrijk, is de populariteit van de meiden aanzienlijk gestegen bij het Zwitserse publiek. Het album Traces Of Sadness bereikte een 14e plaats in de hitlijsten, maar desondanks was het voor velen een verrassing dat Vanilla Ninja uit kwam voor Zwitserland op het Eurovisie Songfestival 2005. De Zwitserse kandidaten hadden de voorgaande jaren slechte resultaten geboekt op het Eurovisie Songfestival, zo kregen zij in de halve finale van 2004 voor het eerst in jaren geen punten voor "Piero And The Musicstars". Vandaar dat Zwitserland de vier meiden selecteerde om mee te doen aan het songfestival, vanwege hun populariteit in het land en in andere Europese landen.

De berichtgeving van dit besluit viel niet bij iedereen in goede aarde. Vooral het Estse publiek was van mening dat de groep voor hun thuisland uit moest komen in plaats van
een land waar ze in mindere mate mee verbonden waren. Ook in het Zwitserse publiek bevonden zich protesterende mensen, aangezien geen van de bandleden in het bezit waren van de Zwitserse nationaliteit. De benoemingscommissie reageerde hierop met het argument dat het nummer geschreven is door David Brandes en daarmee over een Zwitserse tint beschikt. Ironisch genoeg beschikt hij over veel Zwitserse contacten, maar is van oorsprong een Duitser.

De deelname aan het songfestival werd echter in gevaar gebracht nadat Maarja Kivi de groep moest verlaten, vanwege haar zwangerschap. Zij werd vervangen door Triinu Kivilaan die op dat moment nog maar 15 jaar oud was. De regels schreven echter voor dat deelnemers minimaal 16 jaar moesten zijn. Deze regel werd opgenomen naar aanleiding van de deelname van de 13 jaar oude Sandra Kim, winnares van het Eurovisie Songfestival van 1986. Kivilaan claimde in eerste instantie 17 jaar oud te zijn, maar de Zwitserse commissie trok dit in twijfel en ontdekte dat zij geboren was op 13 januari 1989.

Vanwege dit voorval zag het ernaar uit dat de Meiden niet voor Zwitserland uit zouden komen in 2005, maar de Zwitserse deskundigen besloten echter om de keuze niet terug te draaien, vanwege het feit dat Kivilaan nog voor het songfestival 16 zou worden. Aangezien het EBU voorschrijft dat een deelnemer op de dag van deelname minstens 16 jaar moet zijn, leverde dit geen gevaar op voor de deelname van Zwitserland. De nationale reglementen konden echter aangepast worden naar eigen welbevinden, waardoor de beslissing door enkelen als tactloos werd beschouwd.

Hitlijsten

Na de selectie voor het Eurovisie Songfestival zijn de meiden gaan toeren door Europa, waarbij ze de single "Liar" hebben uitgebracht. Het nummer baande zich een weg in de hitparade in zowel Duitsland als Oostenrijk, maar presteerde slecht in Zwitserland. Ondanks de aankondigingen voor Eurovisie 2005 behaalde de single een 43ste plaats in de Zwitserse hitlijsten. De opvolgende single bleek echter een groot succes, hun grootste hit tot die tijd, waarmee de meiden voor het eerst in de top 10 van Duitsland terecht wisten te komen.

"When The Indians Cry", de vijfde Midden Europese single, was het eerste langzame, ballad-achtige nummer van de meiden. De clip van dit nummer is tevens de eerste clip die is opgenomen met Triinu Kivilaan, waar voorgaande clips waren opgenomen met Maarja Kivi. Kivilaan bleek zeer goed binnen de groep te passen, aangezien ze er ouder uitzag dan ze in werkelijkheid was. Hiermee heeft ze critici, die van mening waren dat ze niet zou passen in een meidenband waarvan de gemiddelde leeftijd 5 jaar hoger ligt, tot zwijgen gebracht. Een reden waarom Kivilaan gekozen is als vervanger is dat beiden een zeer overeenkomend uiterlijk hebben, waardoor Kivilaan en Kivi makkelijk met elkaar verward kunnen worden. Het nieuwe nummer zou Vanilla Ninja’s eerste ballad met een langzaam tempo zijn, in tegenstelling tot voorgaande singles die allemaal vlotte nummers bleken te zijn. Het bleek een hit te worden, waarbij het een 8ste plaats behaalde in de Duitse hitlijsten in september 2004, een 7e plaats in de Oostenrijkse hitlijsten en een 27ste plaats in de Zwitserse hitlijsten (deze laatste bleek beneden verwachting gezien de selectie van Vanilla Ninja voor Eurovisie 2005.

Met dit nummer kwam de groep in de Duitse hoofdstroom van de hitlijsten terecht en werd volop gedraaid op de Duitse videoclip zender VIVA, waardoor de meiden een van de grootste artiesten in Duitsland begonnen te worden. Na "When The Indians Cry" werd het nummer "Blue Tattoo" uitgebracht, wat een nummer in dezelfde stijl is als het vorige uitgebrachte nummer. Hiermee bereikten de meiden wederom de Duitse top 10, de Oostenrijkse top 20 en de Zwitserse top 30.

Het derde album

Na het succes van de single "Blue Tattoo" in november en december 2004, heeft de groep een drie maand duren pauze ingelast in het uitbrengen van materiaal om een tour door Azixc3xab te kunnen maken. In 2004 hadden de meiden een ambitieus doel om "de wereld te veroveren", en de tour heeft hieraan meegeholpen, aangezien het nieuwe fans aan heeft geworven in landen als Japan, China, Maleisixc3xab en Thailand. De meiden hebben tevens een rol gespeeld in VIVA’s "Your Stars For Christmas" show in 2004, waarbij ze een herschreven versie van het nummer "When The Indians Cry" zongen, genaamd "Light Of Hope".

In maart 2005 keerde Vanilla Ninja terug naar de hitlijsten, waarbij ze het nieuwe nummer "I Know" uitbrachten, met een licht controversixc3xable clip over mishandeling. De single bleek wederom succesvol, aangezien het op de 13de plaats in de hitlijsten terecht kwam in Duitsland en op de 17de plaats in Oostenrijk. Twee weken later is het derde album Blue Tattoo uitgebracht in verschillende Europese landen en was net zo succesvol als het vorige album. Het album belande op een vierde plaats in de hitlijsten in Duitsland en tevens in Zwitserland. Dit is niet verwonderlijk, aangezien het Eurovisie nummer "Cool Vibes" was toegevoegd aan het album.

Tijdens hun onderbreking van het toeren door Azixc3xab is het Zwitserse Eurovisie nummer afgerond en is bekend gemaakt dat het nummer "Cool Vibes" zou gaan heten. Het bleek een kort nummer te worden om aan de Eurovisie reglementen te kunnen voldoen. De aankondiging leverde gemengd commentaar op, velen waren van mening dat het een goed pop/rock nummer was, vele anderen vonden het echter niet het beste nummer van de meiden en dat het niet het type nummer was voor een songfestival.

Het nummer ging niet goed van start, want het nummer werd verboden in de Duitse hitlijsten, doordat producer David Brandes beschuldigd werd van manipulatie van de hitlijsten. Brandes zou duizenden singles van zijn artiesten hebben opgekocht. Tussen die de nummers die Brandes naar verluidt zou hebben opgekocht, bevonden zich vele exemplaren van de single "When The Indians Cry" en het Duitse Eurovisie nummer "Run And Hide" van Gracia. Kort nadat Gracia werd ontslagen door haar platenmaatschappij, werden de twee artiesten (samen met Virus Incorporation) verbannen van de Duitse hitlijsten. Vanilla Ninja kwam er echter zonder kleerscheuren vanaf, hoewel het een tegenslag betekent voor de schrijver van "When The Indians Cry". Het zou tevens kunnen betekenen dat het nummer de hoge positie in de hitlijsten behaalde door het massaal inkopen van singles door David Brandes.

Eurovisie 2005

In Eurovisie 2004 behaalde Zwitserland de laatste positie, waardoor Vanilla Ninja op 19 mei 2005 moest strijden in de halve finale van Eurovisie 2005. De concurrentie was zwaar door artiesten als Wig Wam, Luminita Anghel en Zdob xc5x9fi Zdub, vooral door het vriendschappelijke stem-gedrag van bepaalde Europese landen. Desondanks behaalden de meiden de finale en maakten een goede kans op de eerste plaats. Het optreden tijdens de finale op 21 mei was volgens sommigen niet zo goed als het zou kunnen zijn, hoewel degenen die kritiek leverden op het optreden ook kritiek hadden op het nummer zelf, waarbij ze van mening waren dat een nummer als "When the Indians Cry" of "Club Kung Fu" beter zou zijn voor het songfestival.

Bij de stemmingen deed de groep het in eerste instantie zeer goed. Ondanks dat ze uitkwamen voor Zwitserland in plaats van Estland, hun land van afkomst, kregen de meiden de volle 12 punten van hun thuisland. (De inzending van Estland zelf, Suntribe met het nummer "Lets Get Loud" kwam niet verder dan de halve finale.) Ook van Letland kreeg de groep 12 punten, terwijl Duitsland verrassend genoeg maar vier punten uitdeelde aan de meiden. De Oostenrijkse stemmers waren zelfs nog minder onder de indruk van de meiden en deelde geen punten uit aan de groep.

Ondanks dat Vanilla Ninja tijdens de stemmingen een derde deel van de tijd op kop lag, begonnen ze na verloop van tijd te zakken in positie, waardoor ze uiteindelijk een 8ste positie behaalden. Het re
sultaat was echter het beste in jaren voor Zwitserland, waarmee het land zich automatisch kwalificeerde voor de finale van het opvolgende jaar. Desondanks was het voor de meiden een teleurstelling, gezien hun populariteit en goede kansen om de finale te winnen.

Op 12 juni 2005 werd de single "Cool Vibes" uitgebracht in Zwitserland en behaalde daar een tegenvallende 17de plaats in de hitlijsten. Ondanks dat het nummer de top 10 niet haalde, bleek het toch de beste single te zijn die de groep tot die tijd in Zwitserland had uitgebracht. Het nummer werd in eerste instantie niet in Duitsland uitgebracht, waarschijnlijk door de korte ban van Vanilla Ninja op Duitse zenders, vanwege de beschuldigingen richting producer David Brandes over het manipuleren van de hitlijsten in april 2005. In juli 2005 bereikte het nummer toch nog de hitlijsten, maar bleef op een relatief lage positie steken. In Duitsland behaalde het nummer een 42ste positie in de hitlijsten en in Oostenrijk een tegenvallende 70e positie.

In een interview in mei 2005 met de krant xe2x80x9cBaltic Timesxe2x80x9d, beweerden de meiden het popmuziek genre achter zich gelaten te hebben. Piret Jxc3xa4rvis maakte in een krant bekend dat de groep met een pop-rock stijl verder zou gaan. De band claimde tevens dat hun muziek langzamerhand harder werd en steeds meer op het rock genre begon te lijken. De single "Tough Enough" uit 2004 verscheen tevens muziek videospellen als "Dance Dance Revolution ULTRAMIX 2" en "In The Groove".

Videoclips

De band heeft videoclips gemaakt voor alle nummer die ze hebben uitgebracht, waarvan sommigen populairder bleken te zijn dan anderen. De eerste videoclip waarin Triinu Kivilaan verscheen was "When The Indians Cry", terwijl Maarja Kivi in de voorgaande videoclips te zien was. De clips van "When The Indians Cry", "Tough Enough" en "Blue Tattoo" bleken het meest populair te zijn, want deze werden veelvuldig gedraaid op muziekzenders. De videoclip "Cool Vibes" is de nieuwste clip en verschijnt ook regelmatig op Europese muziekzenders.

Alle uitgebrachte videoclips bleken uitermate populair bij Duitse muziek zenders, aangezien ze vooral werden gedraaid op de populaire videozender VIVA. Dit is vooral indrukwekkend aangezien de meiden getekend hebben bij "Bros Records", een onderdeel van "Sony Music", terwijl het station erom bekend staat vooringenomen te zijn met artiesten die getekend hebben bij concurrent maatschappij "Universal Music Group".

The Mighty Quinn in de Cover en het Origineel

De Cover en het Origineel in "BreekDeWeek" op 28 okt 2009 op Radio 501

Vandaag hebben we het over The Mighty Quinn. Een song van Bob Dylan. We laten een klein stukje horen van The Hollies, daarna Manfred Mann en als laatste het origineel van Bob Dylan.

Mighty Quinn Songtekst

THE MIGHTY QUINN (QUINN THE ESKIMO)

Manfred Mann

– words and music by Bob Dylan
– Manfred Mann’s cover reached #10 on the Billboard Hot 100 in 1968
– lyrics as recorded by Manfred Mann and included on the 1996 compilation
album "Rock Almanac, Volume Three – The 1960s" (Sony DMK 81024)

Come all without, come all within
You’ll not see nothing like the Mighty Quinn
Come all without, come all within
You’ll not see nothing like the Mighty Quinn

Everybody’s building ships and boats
Some are building monuments, others are jotting down notes
Everybody’s in despair, every girl and boy
But when Quinn the Eskimo gets here
Everybody’s gonna jump for joy

Come all without, come all within
You’ll not see nothing like the Mighty Quinn

I like to go just like the rest, I like my sugar sweet
But jumping queues and makin’ haste, just ain’t my cup of meat
Everyone’s beneath the trees, feedin’ pigeons on a limb
But when Quinn the Eskimo gets here
All the pigeons gonna run to him

Come all without, come all within
You’ll not see nothing like the Mighty Quinn
Come all without, come all within
You’ll not see nothing like the Mighty Quinn

Let me do what I wanna do, I can’t decide ’em all
Just tell me where to put ’em and I’ll tell you who to call
Nobody can get no sleep, there’s someone on everyone’s toes
But when Quinn the Eskimo gets here
Everybody’s gonna wanna doze

Come all without, come all within
You’ll not see nothing like the Mighty Quinn
Come all without, come all within
You’ll not see nothing like the Mighty Quinn
Come all without, come all within
You’ll not see nothing like the Mighty Quinn
Come all without, come all within
You’ll not see nothing like the Mighty Quinn

Manfred Mann (Johannesburg (Zuid-Afrika), 21 oktober 1940) was een Britse ("blanke") rhythm-and-blues-band uit de jaren zestig genoemd naar de keyboardspeler die als werkelijke naam Manfred "Mike" Lubowitz had.

Paul Jones in het midden. (‘The one in the middle’)

Mann vormde zijn eerste band in 1962 samen met Mike Hugg, The Mann Hugg Blues Brothers, maar beiden bleven op de achtergrond tijdens optredens. Hun manager wist een contract los te peuteren bij Decca, echter na een week liet Decca het afweten, ze zagen er geen brood in. Daarna werd het geprobeerd bij EMI en daar hadden ze meer succes. Eerst moest echter nog een zanger gevonden worden; de zanger en ster van de band in de vroege jaren werd/was Paul Jones, later een succesvol acteur. Omdat iedereen dacht dat Paul Jones Manfred Mann was, schreef Mann het nummer ‘The one in the middle’, daarmee kon Paul Jones in live optredens het verschil tonen.

Manfred Mann Band, 1966-1969
L-R: Tom McGuinness, Manfred Mann, Mike d’Abo, Klaus Voormann, Mike Hugg


De groep begon haar carrixc3xa8re met optredens in de Studio 51 in de Great Newport Street in Londen, in dezelfde periode als ook de Rolling Stones – nog steeds zonder platencontract – aldaar covers van Chuck Berry en Bo Diddley kwamen spelen.

Driemaal is scheepsrecht, en ook voor Mann: hun derde single 5-4-3-2-1 betekende voor de groep de doorbraak. Het bewuste liedje werd zelfs een tijd het kenwijsje van Ready Steady Go, een zxc3xa9xc3xa9r populair Brits tv-programma gewijd aan rock- en popmuziek.

De groep had – ondanks de suprematie van de Beatles – een aantal nummer 1-hits in het Verenigd Koninkrijk, waaronder een coverversie van Do Wah Diddy Diddy van The Exciters en met het lied Pretty Flamingo.

Toen Jones de band in 1966 verliet, op het hoogtepunt van hun roem, werd Mike D’Abo de nieuwe zanger. Met hem bleef de band aan de top en hadden ze opnieuw een aantal grote hits waaronder Bob Dylans lied Mighty Quinn (1968). In het jaar daarop gingen ze uit elkaar.

Lyrics by Bob Dylan

Quinn The Eskimo (The Mighty Quinn)

Ev’rybody’s building the big ships and the boats,
Some are building monuments,
Others, jotting down notes,
Ev’rybody’s in despair,
Ev’ry girl and boy
But when Quinn the Eskimo gets here,
Ev’rybody’s gonna jump for joy.
Come all without, come all within,
You’ll not see nothing like the mighty Quinn.

I like to do just like the rest, I like my sugar sweet,
But guarding fumes and making haste,
It ain’t my cup of meat.
Ev’rybody’s ‘neath the trees,
Feeding pigeons on a limb
But when Quinn the Eskimo gets here,
All the pigeons gonna run to him.
Come all without, come all within,
You’ll not see nothing like the mighty Quinn.

A cat’s meow and a cow’s moo, I can recite ’em all,
Just tell me where it hurts yuh, honey,
And I’ll tell you who to call.
Nobody can get no sleep,
There’s someone on ev’ryone’s toes
But when Quinn the Eskimo gets here,
Ev’rybody’s gonna wanna doze.
Come all without, come all within,
You’ll not see nothing like the mighty Quinn.

Feargal Sharkey – A good heart

Feargal Sharkey met A good heart in "BreekDeWeek" op 28 okt 2009 bij Radio 501

Feargal Sharkey (Derry, 13 augustus 1958) is een Noord-Iers zanger. Hij werd bekend als zanger van The Undertones en The Assembly, maar scoorde zijn grootste hits als solo-zanger.

Sharkey brak in 1978 met de Noord-Ierse punk-popgroep The Undertones door, mede dankzij de bemoeienis van discjockey John Peel die een enthousiast fan was van de debuutsingle "Teenage Kicks". In 1981 scoorde de band een hitje met de single "It’s Going To Happen!". Na het uiteenvallen van de band in 1983 werd Sharkey ingehuurd door The Assembly, een project van Vince Clark van Yazoo, om de single "Never, Never" in te zingen.

Vervolgens startte Sharkey een solo-carrixc3xa8re. In 1984 had hij een kleine hit met "Listen To Your Father", waarop hij samenwerkte met Chas Smash van de band Madness. In 1985 kwam zijn grote doorbraak.
Op een feestje hoorde hij het nummer "A Good Heart" van de band Lone Justice. De single, geschreven door zangeres Maria McKee, was in de Verenigde Staten geflopt. Sharkey besloot het zelf op te nemen en uit te brengen. Het werd een internationale hit die in onder andere Groot-Brittannixc3xab, Australixc3xab en Nederland (alleen in de Top 40) op nummer xc3xa9xc3xa9n kwam. Ook met de opvolger "You Little Thief" haalde Sharkey een internationaal succes, alhoewel niet zo groot als de voorganger. Beide nummers verschenen op het debuutalbum "Feargal Sharkey", geproduceerd door Dave Stewart van de Eurythmics.

De twee albums "Wish" (1988) en "Songs From The Mardi Gras" (1991) haalden niet het succes van het debuutalbum. De single "I’ve Got News For You", afkomstig van de laatste cd, haalde de top-20 in Engeland. Sharkey richtte zich vanaf de negentiger jaren op de productiekant van de muziek en werkte als A&R-manager bij Polydor. Daarnaast was Sharkey lid van de Britse Radio Authority. Tegenwoordig is hij voorzitter van het Britse Commissariaat voor de Media.

%d bloggers like this: